Wim van der Heide, Grontmij, over actuele trends in parkeren

Durf te veranderen

zondag 23 juni 2013 549x gelezen

Wim van der Heide, parkeerdeskundige:

‘Met de traditionele ruimtelijke ordening, bestemmingsplannen en CROW-normen, krijgen we het sommetje niet meer rond’

Wim van der Heide, Grontmij

Wim van der Heide, Grontmij

Waarom een kantine bouwen als er een snackbar in de buurt is? En waarom geen crèche bij Ikea; de ballenbak staat al klaar. Wij moeten anders gaan denken, zegt Wim van der Heide, parkeerdeskundige bij Grontmij. Een gesprek over trends, knelpunten, oplossingen en dé randvoorwaarde: digitalisering.

Het roer moet om, concludeert Van der Heide. De traditionele parkeervoorziening die wordt aangelegd per gebouw, soort of functie op basis van de traditionele ruimtelijke ordeningsprincipes, de geldende bestemmingsplannen en de bekende CROW-normen, is niet meer van deze tijd, legt hij uit. ‘Daarmee krijgen we het sommetje van de exploitatie niet meer rond, bovendien sluit deze werkwijze niet meer aan bij nieuwe ontwikkelingen in de samenleving.’

Van der Heide start bij de opkomst van elektrische auto’s. Het is logisch dat de parkeergarage een pompstation wordt voor e-auto’s. Daarna volgen misschien waterstofauto’s, maar brandveiligheid vraagt hier wel veel aandacht. We gaan ervan uit dat de normen voor brandveiligheid strenger zullen worden. De Vexpan werkt aan een landelijke brandveiligheidsnorm voor parkeergarages en dat is nodig ook. Nu kan de lokale brandweer, binnen wettelijke kaders, haar eigen beleid bepalen en dat is soms niet zo handig. De techniek staat op terrein overigens niet stil. Er zijn nieuwe systemen ontwikkeld, zoals een mistblussysteem. Voordeel met een dergelijk systeem is dat auto’s worden gekoeld, waardoor de brand beperkt blijft en minder snel overslaat. Een garage is na een brand mogelijk binnen een dag al weer te gebruiken. Gangbaar is het momenteel om bij brand met ventilatoren de rook naar één kant te laten trekken zodat je aan de rookvrije andere kant de brand kunt benaderen en blussen.

Dé uitdaging
Maar dé uitdaging blijft het financiële plaatje. ‘Het sommetje moet blijven kloppen van plan tot exploitatie. Voor meer omzet en betere benutting moeten we veel meer naar (toekomstige) functies in de omgeving leren kijken. Volgens het oude normdenken komt er een supermarkt en kijk je in het CROW-boekje en weet je hoeveel plaatsen je nodig hebt, maar kijk ook eens naar de omgeving. Is daar geen mogelijkheid voor dubbelgebruik of het mixen van functies? Het is toch gek dat in woonstraten overdag 60 procent van het parkeerareaal leeg staat en ‘s avonds bijna 100 procent van de parkeerplaatsen bij kantoren.

We moeten naar een toekomst waarin we binnen bestaande gebieden meerdere functies mixen. De huidige leegstand is daarvoor een kans. Je ziet een groei van kleine bedrijfjes en een mix van Het Nieuwe Werken en wonen. Waarom niet kantoren combineren met vrijetijdsvoorzieningen voor de avonduren. Maar ook de parkeerschaal aanpassen in woonstraatjes (zie artist impression). Ook dat is duurzaam bouwen: niet alleen met minder grondstoffen en energie maar ook kijken naar multifunctionaliteit en levendigheid.

De focus in bestaande stedelijke gebieden ligt al op inbreiden. Doe je dat zonder het mixen van functionaliteiten dan betekent dat stapelen of graven en dat kost meer. Aan de randen van steden valt op dat bij het concept P+R nog kansen worden gemist, zoals voorzieningen voor winkelpubliek, een ontmoetingsplek of flexibel kantoorgebruik. Waarom faciliteren wij niet in afhaalbalies voor inkopen uit de stad (net als bij de Kijkshop) of internetaankopen. Vrachtwagens brengen goederen nu de stad in en de consument haalt ze er met de auto weer uit. Het is interessant om te onderzoeken wat de commerciële winst is als je bedrijven bij elkaar zet en bijvoorbeeld mixt met leisure-activiteiten in de avonduren. Door soort bij soort te plaatsen creëer je piekstromen, en daarbuiten doodse stilte.

In binnensteden wordt al behoorlijk gemixt, maar met name rond de centra is de inrichting nog zeer themagericht en vastgelegd in bestemmingsplannen. Als we dat loslaten en gemixte functies maken, kunnen we goedkoper uit- en inbreiden.

Digitalisering
Noodzakelijk voor vernieuwing en verandering is verdergaande digitalisering. Je ziet al dat we steeds meer overstappen op camera’s met kentekenherkenning. Ook gaat de aanvraag van vergunningverlening steeds meer via internet. Deze digitalisering van parkeervergunning, -betalingen en -handhaving zet nog veel verder door. Amsterdam handhaaft betaald parkeren al met scanauto’s. P1 en Parkeerservice Amersfoort bieden een gedigitaliseerd systeem aan voor het aanvragen van parkeervergunningen.

Een knelpunt in parkeerbeleid is dat de gemiddelde verkeerskundige nog te weinig inzicht heeft in de financiële consequenties van parkeernormen op de waarde van parkeergarages en de vastgoedwaarde in het algemeen. Het zou een stap in de goede richting zijn als verkeerskundigen die financiële effecten meer zouden herkennen.

Parkeerwereld
Tot slot. ‘Efficiënt parkeren begint buiten de parkeerwereld. Ga in bestaande stedelijke gebieden functies mixen, dán ontstaan efficiënt gebruikte parkeervoorzieningen en wegen. Dit scheelt kosten en grondstoffen en het brengt meer op, waardoor de waarde van vastgoed stijgt. Dat kunnen we in deze tijd goed gebruiken'.

Inhoud laatste dossier

MaaS

Naar alle eerdere dossiers

Meer artikelen over MaaS

  • Wat levert MaaS op? Door alle (voorspelde) technologische ontwikkelingen wordt Mobility as a Service, MaaS een grote toekomst toegedicht. De flexibiliteit die MaaS biedt in het vervullen van...

Verkeerskunde is een uitgave van ANWB.
© 2018 verkeerskunde.nl - alle rechten voorbehouden.