Precies weten waar de files staan

maandag 3 februari 2014 355x gelezen

Peter van de Mede, DAT.Mobility: ‘Big data maken verkeersmodellen goedkoper en dynamischer’
Peter van der Mede, business developer bij DAT.Moblility

Peter van der Mede, business developer bij DAT.Moblility

Reizigersstromen in Abidjan (Ivoorkust) op basis van GSM-data

Reizigersstromen in Abidjan (Ivoorkust) op basis van GSM-data

Het gaat razendsnel met big data. Volgens Peter van der Mede van DAT.Mobility duurt het nog maar enkele jaren voordat de steekproef voor verkeersgegevens verleden tijd is. Dan zijn verkeersmodellen niet alleen goedkoper maar kunnen ze ook exact aangeven waar de files komen te staan. Maar dan moeten data uit navigatiesystemen en mobiele telefoons wel op grote schaal beschikbaar worden gesteld. Een mooie taak voor de Nationale Databank Wegverkeersgegevens, vindt Van der Mede.

 

Twee tot drie jaar. Zo lang duurt het volgens Peter van der Mede, business developer bij DAT.Mobility - een nieuw IT-bedrijf binnen de Goudappel Groep - voor we verkeersstromen in verkeersmodellen alleen nog maar baseren op big data. Met als grootste winstpunt dat we niet alleen de globale capaciteitstekorten op een netwerk weten, maar ook precies kunnen aangeven waar de files komen te staan. Van der Mede: ‘Met big data als input kun je een dynamische herkomst-bestemmingsmatrix (HB-matrix) maken waarmee je voor elke dag en voor elk moment de verkeersstroom kunt bepalen. Nu werken de meeste verkeersmodellen nog met een statische HB-matrix, waar je prima scenarioberekeningen mee kunt maken, maar die geen actueel beeld geven van de toestand op de weg.’

 

In het algemeen wordt er pas van big data gesproken als het over petabytes aan informatie gaat. Bij verkeersdata is er ook bij kleinere hoeveelheden al sprake van big data, waar het om draait is dat de data niet meer afkomstig zijn van steekproeven. ‘De gegevens die wij gebruiken voor verkeersmodellen zijn floating car data en GSM data,’ vertelt Van der Mede. ‘Met deze locatieafhankelijke input kunnen we reizigersstromen en reistijden gedetailleerd in kaart brengen. En omdat het zo ontzettend veel gegevens zijn hoeven we niet meer na te gaan hoe goed ze zijn. Met steekproeven was dat nog wel nodig.’

 

Wat er allemaal mogelijk is met deze data schetst Van der Mede aan de hand van een studieproject met GSM-data uit Ivoorkust. ‘De Franse telecomprovider Orange stelde enkele weken aan data van telefoons in dit land beschikbaar waarmee diverse partijen oplossingen mochten uitwerken die bijdragen aan de ontwikkeling van het land. Wij hebben een verkeersmodel gemaakt door het netwerk van Ivoorkust van internet te downloaden en een HB-matrix te maken met de telefoondata. Je kunt hieruit de verkeersstromen afleiden, maar ook regelmatige verkeerspatronen zoals woon-werk verkeer. We zien dit als een proof of concept, want we hebben het model nog niet kunnen valideren aan de werkelijkheid. Maar op het congres bij MIT, (Massachusetts Institute of Technology) waar we dit hebben gepresenteerd, waren ze wel onder de indruk van de mogelijkheden.’

 

We staan volgens Van der Mede op een breekpunt in de tijd. Big data zijn steeds meer in opkomst en dat houdt verband met een toename aan rekencapaciteit van computers. Evengoed is die capaciteit op dit moment nog niet voldoende om alle gegevens mee te nemen. ‘Als je een dynamisch verkeersmodel van een hele stad wilt maken, dan kun je niet alle auto’s individueel modelleren. Maar dat is ook niet nodig, als je er maar uit kunt halen waar de files precies staan. Daarvoor zijn minder rekenintensieve oplossingen ontwikkeld die tussen het niveau van de individuele voertuigen en de globale verkeersstroom inzitten. Desondanks verwacht ik dat we op termijn ook grotere netwerken aankunnen.’

 

Volgens Van der Mede zouden overheden een minder afwachtende rol moeten hebben ten aanzien van big data in verkeer en vervoer. ‘Eigenlijk wachten ze af tot er een kant en klaar product is, maar het proces gaat veel sneller als ze meewerken in de ontwikkeling met pilotprojecten. Ik merk dat ze vaak denken dat big data ook meteen open data zijn. Dat is een misverstand, het kost telecombedrijven geld om hun data te ontsluiten, daarvoor zijn deze organisaties namelijk in eerste instantie niet opgezet. Ik zou graag zien dat de Nationale Databank Wegverkeersgegevens deze data aankoopt en voor iedereen beschikbaar stelt. Dan pas kun je spreken van big open data.’

 

‘Om met big data in verkeer en vervoer overweg te kunnen is het wel nodig dat je beschikt over statistische kennis om grote hoeveelheden data te analyseren, verkeerskundige domeinkennis om de data te kunnen interpreteren en toe te passen in verkeersmodellen, en IT-kennis voor het opslaan en ontsluiten van de data. De ontwikkelingen gaan heel snel, dus deze drie componenten zouden nu al in verkeerskundige opleidingen moeten terugkomen.’

 

Het gaat dus snel met big data, en Nederland moet daar ook snel op inspelen, vindt Van der Mede. ‘Verkeersmodellering kan zo veel goedkoper met big data. Het zou mooi zijn als Nederland daar een leading rol in gaat vervullen.’

terug naar dossier

Inhoud laatste dossier

De verkeerskundige

Naar alle eerdere dossiers

Meer artikelen over Wegontwerp

Artikelen 1 tot 5 van 62

1 2 3 4 5 6

Artikelen 1 tot 5 van 62

1 2 3 4 5 6

Verkeerskunde is een uitgave van ANWB.
© 2019 verkeerskunde.nl - alle rechten voorbehouden.