Overijssels ov: dat kan slimmer

Exploitatietekort provinciaal ov door optelsom aan tegenvallers

maandag 29 april 2013 378x gelezen

Wim Dijkstra, provincie Overijssel

‘De essentie is dat we keuzes gaan maken over waar ov echt noodzakelijk is, waar we als overheid nog aan moeten meebetalen. Op die manier kunnen we kosten besparen.’

Bezuinigingen op het openbaar vervoer dagen de provincie Overijssel uit om goed na te denken over mogelijke oplossingen. Programmaleider Wim Dijkstra stelt voor om het ov slimmer te organiseren, een landelijk tarievenkader in te voeren voor de ov-chipkaart, en de provinciale politiek te laten nadenken over structurele bijdragen aan het ov.

De provincie Overijssel kampt, net als andere regio’s, met bezuinigingen op het openbaar vervoer. Wim Dijkstra, programmaleider ov bij de provincie, ziet zich geconfronteerd met diverse ontwikkelingen die opgeteld leiden tot een aanzienlijk exploitatietekort. ‘Allereerst is de bijdrage van het rijk voor regionaal openbaar vervoer de afgelopen jaren steeds lager geworden. Daar komt nog bij dat de indexering van deze ‘brede doeluitkering’ op andere gronden is gebaseerd dan de indexering die wij volgens afspraak met vervoerders binnen de ov-sector toepassen op de concessies. Wij houden bijvoorbeeld rekening met hogere dieselprijzen, waardoor onze indexering hoger uitvalt. Over de jaren heen gaat dat steeds verder uit elkaar lopen.’

Maar dat is nog niet het enige. Ook de aanbesteding van het ov in de provincie en bezuinigingen op aanvullende provinciale bijdragen maken het moeilijk om het huidige vervoersaanbod te handhaven. Dijkstra: ‘In de eerste ronde aanbesteding van het ov wilden de aanbieders zich graag een positie in de markt verwerven, en boden ze het vervoer aan tegen lage kosten. We kregen daardoor veel ov voor weinig geld. In de huidige tweede ronde is de prijs veel hoger maar ook realistischer. De vaak buitenlandse vervoerders willen nu, overigens terecht, kostendekkend gaan werken. En wat betreft een extra provinciale bijdrage zijn we afhankelijk van de bestuursperiode. In de vorige periode kregen we in Overijssel bijvoorbeeld budget om de frequentie te verhogen, maar in de huidige periode is dat weer weggevallen.’

Flink wat tegenvallers dus, die de provincie uitdagen om met slimme oplossingen te komen om kosten te besparen en opbrengsten te verhogen. Dijkstra en zijn collega’s zijn momenteel diverse mogelijkheden aan het verkennen waarover eind 2013 zal worden besloten.

Een van die oplossingen is om het provinciale vervoersaanbod van trein, bus en regiotaxi slimmer te organiseren. Dijkstra: ‘We maken in onze provincie onderscheid tussen het kernnet en het aanvullend net. Tot het kernnet behoren lijnen met grote reizigersstromen, ook ’s avonds en in het weekend. Het heeft een hoge kostendekkingsgraad en het draagt het meest bij aan de bereikbaarheid binnen Overijssel. Vandaar dat we dit net waarschijnlijk aanbodgericht blijven bieden. Het aanvullend net bestaat uit lijnen die alleen overdag rendabel zijn, bijvoorbeeld lijnen die kleine gemeenschappen met de steden verbinden. Hier willen we in overleg met die gemeenschappen meer vraaggestuurd vervoer gaan organiseren, zoals een vrijwilligerssysteem voor het rijden van buurtbussen. De essentie is dat we keuzes gaan maken over waar ov echt noodzakelijk is, waar we als overheid nog aan moeten meebetalen. Op die manier kunnen we kosten besparen.’

Voorstander van één landelijk tarievenkader
Om de opbrengsten te verhogen – Overijssel heeft een aantal jaren geleden gekozen voor opbrengstverantwoordelijkheid – is Dijkstra een fervent voorstander van het opstellen van een landelijk tarievenkader voor de ov-chipkaart. Want hoewel er nu één kaart is voor al het openbaar vervoer, is er juist sprake van meer tariefsystemen dan voorheen. En dat leidt volgens Dijkstra tot onduidelijkheden in grensgebieden, en verschillen in de korting die scholieren en ouderen krijgen bij verschillende ov-bedrijven. ‘Als we op landelijk niveau meer samenhang in de tarieven krijgen, en een eenduidig productassortiment kunnen bieden, dan is dat veel wervender voor klanten. Overigens ben ik niet tegen het behoud van regionale vrijheid, maar dit zou een soort ‘vrijheid in gebondenheid’ moeten worden.’

‘Met een tarievenkader verwacht ik dat we meer reizigers kunnen trekken, en interessante aanbiedingen kunnen doen aan grootgebruikers zoals scholen en bedrijven. Wellicht kunnen we een grootgebruikkorting koppelen aan de bereidheid om mee te werken aan het spreiden van begin- en eindtijden, waardoor we de spits kunnen afvlakken.’

Ten slotte hoopt Dijkstra ook op meer commitment vanuit de provinciale politiek. Tijdelijke investeringen in infrastructurele maatregelen zijn welkom, maar er is ook structureel geld nodig voor de exploitatie. ‘De politiek zal, als ze vindt dat het ov een bepaald niveau moet hebben, keuzes moeten maken tussen de beleidsterreinen om geld uit het provinciefonds vrij te kunnen maken voor ov. De uitkomst hiervan is natuurlijk onzeker, omdat er ook financiële druk op de andere beleidsterreinen is, maar we willen een bijdrage van de provincie wel meenemen in de mix van mogelijke oplossingen.’

Positieve bijkomstigheden van het bezuinigingsproces ziet Dijkstra vooral in het meer klantgericht denken, en het herdefiniëren van de rol van de overheid in het ov. ‘Misschien hoeven we voor een goed ov niet overal zo intensief bij betrokken te zijn.’

Inhoud laatste dossier

De verkeerskundige

Naar alle eerdere dossiers

Meer artikelen over Wegontwerp

Artikelen 1 tot 5 van 62

1 2 3 4 5 6

Artikelen 1 tot 5 van 62

1 2 3 4 5 6

Verkeerskunde is een uitgave van ANWB.
© 2019 verkeerskunde.nl - alle rechten voorbehouden.