Transitie naar nieuwe infrasturen en nieuw mobiliteitsgedrag

Oratie Hans Jeekel over Smart Mobility en de maatschappelijke uitdagingen

vrijdag 26 augustus 2016 0 reacties 235x gelezen

De sturingscapaciteit in mobiliteit is laag. Ofwel: het vermogen van overheden, bedrijven, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties om gezamenlijk strategieën en praktische aanpakken te ontwerpen en in te voeren. Dit en meer hindert snelle invoering van smart mobility-oplossingen, zo stelde topadviseur Hans Jeekel tijdens zijn intreerede als (deeltijd)hoogleraar 'Societal Aspects of Smart Mobility' op 17 juni 2016 aan de Technische Universiteit Eindhoven.

Hans Jeekel, hoogleraar 'Societal Aspects of Smart Mobility' aan de Technische Universiteit Eindhoven

Hans Jeekel, hoogleraar 'Societal Aspects of Smart Mobility' aan de Technische Universiteit Eindhoven (Copyright: Rob Stork)

'Mobiliteit, en vooral fysieke mobiliteit, is een omstreden thema. Aan de ene kant willen we allemaal mobiel zijn en is de auto een symbool van onze vrijheid. Aan de andere kant vrezen we de mobiliteit van mensen die we niet kennen’. Met dit dilemma startte Hans Jeekel zijn oratie.

‘Mobiliteit, en vooral fysieke mobiliteit, is een omstreden thema. Aan de ene kant willen we allemaal mobiel zijn en is de auto een symbool van onze vrijheid. Aan de andere kant vrezen we de mobiliteit van mensen die we niet kennen’. Met dit dilemma startte Hans Jeekel zijn oratie.


Vijf maatschappelijke uitdagingen
Jeekel ziet vijf maatschappelijke uitdagingen voor de fysieke mobiliteit: stedelijke mobiliteit (groei van wereldbevolking in steden van 51 procent nu naar 70 procent in 2050), de rol van informatietechnologie (helder beeld krijgen van: wat, wanneer kan en op welke schaal), globalisering en vrachtverkeer (verwachte mondiale groei van vrachtkilometers in 2050 van 230-420 procent en CO2-emissies tussen 136 en 347 procent), energie en klimaat (de strijd om de aandrijving is nog onbeslist, maar elke energievorm heeft zijn eigen grootschalige infrastructuur nodig, waarvan de aanleg grote investeringen vragen) en ten slotte, de volgende generaties (wat gaan zij belangrijk vinden?). Dit alles maakt de toekomst van mobiliteit behoorlijk onzeker. Vervolgvraag is wat smart mobility hierbij kan betekenen.

Kloof
Smart mobility uit zich volgens Jeekel in: voertuigtechnologie, intelligente transportsystemen, data en nieuwe mobiliteitsdiensten. Dit betekent ook dat de technische wetenschappen, de datawetenschap en de sociale wetenschappen samen nodig zijn om tot werkbare aanpakken te komen. Maar dan nog is de relatie onderzoek en maatschappelijke uitdagingen nog niet zo eenvoudig. Er is een zekere kloof tussen de belofte van smart mobility en de daadwerkelijke bijdrage aan de grote uitdagingen. Ook formuleren technische onderzoekers tussenliggende doelen in termen van iets meer veiligheid, doorstroming, efficiency en comfort. Vanuit deze beperktere doelen resultaten boeken op de grote uitdagingen, dat is nog een lange weg.’

Transitie
Invoering van smart mobility-oplossingen, vraagt daarom om een forse verandering, een transitie. Het dominante patroon, van de individuele auto (rijdend op fossiele brandstof) en in grotere steden een uitgebreid OV (met eigen regels en arrangementen), zal doorbroken moeten worden. Nieuwe infrastructuren zullen moeten worden gerealiseerd en nieuw mobiliteitsgedrag moet worden aangeleerd.

Sturingscapaciteit in mobiliteit versterken
In de kern komt Jeekel tot drie grote invoeringsvragen bij slimme mobiliteit: terughoudendheid bij gebruikers, opschalen en stuurcapaciteit (governance). Met name dit laatste - het vermogen van alle organisaties (overheden, bedrijven, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties) in een sector om gezamenlijke strategieën en praktische aanpakken te ontwerpen en in te voeren - is in mobiliteit laag, stelt Jeekel.

‘De mobiliteitsorganisaties zijn nooit uitgedaagd om met elkaar een robuust, duurzaam en toekomstgericht mobiliteitssysteem te ontwerpen. Elke organisatie koerst tot nu toe dan ook vooral op het eigen belang, en dat leidt hooguit tot incidentele coalities. Zo ontstaat er geen toekomstgericht mobiliteitssysteem. In die zin is, anders dan bijvoorbeeld de waterwereld, de mobiliteitswereld een macho-achtige wereld, terwijl wel duidelijk wordt dat de toekomst om slimme invoeringsnetwerken vraagt. Met name daarin zal geïnvesteerd moeten worden.’

Klik hier voor de Nederlandstalige samenvatting van de oratie van Hans Jeekel

Reageren

Invoer verplicht
Invoer verplicht
Invoer verplicht

 

 

















 

Legenda
Bij dit veld is invoer verplicht.

vakartikelen

Artikelen 1 tot 8 van 56

1 2 3 4 5 6

  • Universiteiten ontwikkelen fiets met 'zonnewiel' Op de Technische Universiteit Eindhoven wordt in samenwerking met de Universiteit Twente een nieuw type elektrische fiets ontwikkeld: de solar bike. Dit is een elektrische fiets...
  • Evaluatiemethode voor de rechtvaardigheid van beleidsmaatregelen Volgens veel beleidsanalisten moet goed beleid voldoen aan drie criteria: effectiviteit (doet beleid wat het zou moeten doen, zijn er bijvoorbeeld daadwerkelijk minder...
  • Het lerend vermogen van de verkeerskunde Jan Ploeger van de afdeling verkeer en vervoer van het KIVI sprak ter gelegenheid van het samengaan van de opleidingen tot verkeerskundige van het CROW en NOVI-Verkeersacademie....
  • 'Help, de werkelijkheid verschilt van onze modellen' In de zomer van 2016 heeft het programma Slimme en Gezonde Stad (Ministerie van IenM) aan de zes SGS-pilotsteden gevraagd een kennisvraag in te dienen. TNO heeft deze...
  • Van A naar B, naar onderweg Mobiliteit wordt vaak gedefinieerd als een middel om op bestemmingen te komen waar mensen aan relevante activiteiten kunnen deelnemen. Maar de reis zelf kan ook waardevol zijn:...
  • Projectoptimalisatie opschalen naar netwerkniveau Rijkswaterstaat brengt grote infrastructuuropdrachten al enige jaren op de markt via DBFM-contracten. Hierin worden de Design-, Build-, Finance- en Maintainfasen integraal...
  • Hoe eerlijk is ons mobiliteitsbeleid? Goed (transport)beleid is effectief, efficiënt én eerlijk, stelt Karel Martens, professor aan Radboud Universiteit Nijmegen en Technion (Israël), in zijn boek ‘Transport...
  • Open brief aan kabinets(in)formateur Over de auteur Rinus Jaarsma is onafhankelijk vervoersplanologisch adviseur en UHD ‘Technische Infrastructuur’ Wageningen University & Research (em.)   Hieronder vindt...

Artikelen 1 tot 8 van 56

1 2 3 4 5 6

Overzicht alle vakartikelen

Verkeerskunde is een uitgave van ANWB.
© 2017 verkeerskunde.nl - alle rechten voorbehouden.