Handhavingsmonitor verkeer '08 (VK 8/2009)

dinsdag 1 december 2009 0 reacties 941x gelezen

Verkeershandhaving draagt bij aan de verkeersveiligheid

 

Marieke Romkes-Heuvelman (BVOM), Christiaan Hoogmoed en Hans Drolenga (Grontmij)

 

Een samenvatting van dit artikel is gepubliceerd in Verkeerskunde 8/2009

Een bijdrage leveren aan de verkeersveiligheid. Dat is waar de verkeershandhavingsteams (VHT) van het Bureau Verkeershandhaving Openbaar Ministerie (BVOM) voor staan. De teams zijn vooral gericht op die overtredingen waarbij de meeste verkeersslachtoffers vallen. Het gaat om gedrag op het gebied van helm, gordel, rood licht, alcohol en snelheid (de zogenoemde HelmGRAS-speerpunten). Naast deze speerpunten is er in 2007 een extra taak voor de verkeershandhavingsteams bijgekomen: de controle op het niet handsfree telefoneren tijdens het autorijden.

 

De Handhavingsmonitor Verkeer 2008, geschreven voor het lokaal OM en de politie, geeft een overzicht van de inspanningen en de resultaten die op deze 'speerpunten' zijn geboekt. Er is in terug te vinden hoeveel doden en gewonden er jaarlijks in het verkeer zijn te betreuren, hoe intensief op de speerpunten wordt gecontroleerd, hoeveel bekeuringen er zijn opgemaakt én hoe weggebruikers over de regels en de manier van verkeershandhaving denken.

 

In verschillende onderzoeken wordt dit met cijfers onderbouwd, de belangrijkste informatie hierbij zijn het aantal beschikkingen van het CJIB (Centraal Justitieel Incasso Bureau), door de politie geregistreerde inzeturen in WISH (Web-based Informatie Systeem Handhaving) en de meningen van automobilisten uit het perceptieonderzoek. De Handhavingsmonitor Verkeer 2008 bundelt deze onderzoeken in een overzichtelijk document, de conclusie is dat handhaving op deze speerpunten de verkeersveiligheid bevordert en dus zinvol is. De onderzoeksuitkomsten onderschrijven hiermee het gevoerde (speerpunten)beleid. Daarnaast draagt het onderzoek bij aan de inzet van politiemensen en – middelen en kan de monitor gebruikt worden bij de ontwikkeling van nieuw, of de aanscherping van bestaand verkeershandhavingsbeleid.

De Handhavingsmonitor Verkeer 2008 bestaat uit een landelijk rapport en regiorapporten. In het landelijk rapport wordt per speerpunt een overzicht gegeven van de ontwikkeling van het aantal inzeturen en beschikkingen en de belangrijkste aspecten uit het perceptieonderzoek. Hierbij wordt ook aandacht besteedt aan opvallende verschillen tussen politieregio’s. In de regiorapporten wordt het landelijk rapport aangevuld met regiospecifieke gegevens. Het regiorapport is hierdoor onafhankelijk van het landelijk rapport te lezen. Daarbij worden voor het eerst regio's, die qua mate van verstedelijking met elkaar vergelijkbaar zijn, geclusterd. Hierdoor is een vergelijking van de resultaten van een specifieke regio met de overige regio’s in het cluster en landelijk mogelijk.

 

In dit artikel staan de belangrijkste bevindingen uit de Handhavingsmonitor Verkeer 2008 vermeld.

 

Clusterindeling politieregio’s

De 25 politieregio’s zijn ingedeeld in 5 clusters van elk 5 politieregio’s. Deze clusterindeling is gelijk aan de clusterindeling zoals die in ‘Kerngegevens Nederlandse Politie’ wordt gebruikt. Basis van deze clusterindeling is de mate van verstedelijking van de regio.

 

Mobiliteit en verkeersveiligheid

In de afgelopen jaren is de mobiliteit toegenomen, vooral de afgelegde autokilometers namen toe.

Ondanks de groei van de mobiliteit daalt het aantal verkeersslachtoffers. Bij verkeersslachtoffers wordt onderscheid gemaakt naar doden en ziekenhuisgewonden. In de periode 2003 – 2008 is het aantal dodelijke slachtoffers met bijna een derde afgenomen. In dezelfde periode is het aantal ziekenhuisgewonden min of meer stabiel gebleven.

 

In de politieregio’s Noord-Holland-Noord en Limburg-Noord is zowel het aantal dodelijke verkeersslachtoffers als het aantal ziekenhuisgewonden in 2008 sterk afgenomen ten opzichte van 2007.

 

Daarentegen nam het aantal doden in 2008 ten opzichte van 2007 sterk toe in de politieregio’s Groningen, Gelderland-Zuid en Kennemerland. Een sterke toename van het aantal ziekenhuisgewonden in 2008 ten opzichte van 2007 vond plaats in de politieregio Hollands-Midden.

 

Wanneer automobilisten wordt gevraagd naar hun mening over het gedrag van andere weggebruikers, geeft iets minder dan de helft aan het gedrag van medeweggebruikers veilig tot heel veilig te vinden. Dit aandeel is in de afgelopen jaren steeds licht gestegen.

 

Doelstelling dodelijke verkeersslachtoffers aangescherpt

Bron: SWOV - CBS

In de Nota Mobiliteit (2004) is als doelstelling maximaal 900 verkeersdoden in 2010 en maximaal 580 verkeersdoden in 2020 opgenomen. In de behandeling in het parlement is de doelstelling voor 2010 al bijgesteld tot maximaal 750 verkeersdoden. In de uitwerking van de Nota Mobiliteit, het Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2008-2020, is op basis van recente ontwikkelingen en beleidsafspraken ook de doelstelling voor 2020 aangescherpt, tot maximaal 500 verkeersdoden.

 

Inzeturen

In het kader van handhaving op speerpunten wordt de handhavingsdruk (uren) per speerpunt door de politie bijgehouden in WISH (Web-based Informatie Systeem Handhaving). In de Handhavingsmonitor Verkeer 2008 zijn alleen de inzeturen van mobiele controles opgenomen. Handhaving met vaste opstelpunten blijft dus buiten beschouwing. Voor elke politieregio zijn in een meerjaren-convenant tussen politie en justitie afspraken vastgelegd over hoeveel uur per speerpunt wordt gecontroleerd.

 

Snelheidshandhaving heeft in de handhavingsplannen een prominente plaats. Ongeveer de helft van de inzeturen van VHT’s betreft snelheidshandhaving. Daarna volgen alcohol en gordel. Tot en met 2006 kende het aantal inzeturen van VHT’s op de HelmGRAS-speerpunten een stijgende trend. De afgelopen twee jaar nam dit aantal echter af. Vooral het aantal inzeturen op het speerpunt gordel nam in 2008 ten opzichte van 2007 sterk af: een daling van zo’n 15%. Ook het aantal inzeturen op het speerpunt helm kende met een afname van 10% een duidelijke daling. Het aantal inzeturen op de speerpunten snelheid en alcohol bleef ongeveer gelijk.

 

Beschikkingen

In 2008 werden in totaal (dat wil zeggen door zowel verkeershandhavingsteams als reguliere politie en KLPD, en zowel mobiele als vaste inzet) ruim 9,5 miljoen beschikkingen uitgeschreven in het kader van handhaving op de HelmGRAS-speerpunten. Veruit het grootste deel van de beschikkingen zijn snelheidsbeschikkingen. In 2007 lag het totaal aantal beschikkingen nog ruim boven de tien miljoen. De daling in 2008 kan worden verklaard door het uit de running zijn van trajectcontrolesystemen en door politiestakingen in de eerste drie maanden van het jaar. Het aantal beschikkingen voor het niet dragen van de gordel nam het sterkt af. In 2008 werd maar driekwart van het aantal beschikkingen in 2007 uitgeschreven. Voor het niet dragen van een helm werden 20% minder beschikkingen uitgeschreven.

 

Zelfgerapporteerd gedrag

Jaarlijks wordt in opdracht van BVOM een onderzoek uitgevoerd naar de mening en het gedrag van weggebruikers ten aanzien van verkeersregels en handhaving. In 2008 gaven vier op de vijf automobilisten aan de snelheidslimiet (wel eens) te overschrijden. Daarmee is snelheid het speerpunt dat het vaakst wordt overtreden. Hoe lager de maximum toegestane snelheid van een weg, hoe minder automobilisten aangeven de snelheidslimiet te overschrijden. Zo geeft 40% van de automobilisten aan nooit de snelheidslimiet te overschrijden op een 30-km weg terwijl dit percentage op een autosnelweg op 19% ligt.

 

Iets minder dan de helft van de automobilisten geeft toe (wel eens) door rood te rijden. Kenmerkend hierbij zijn de verschillen tussen de politieregio’s (zie kader). Volgens eigen zeggen worden de helmplicht en de gordelplicht het best nageleefd. Het percentage bestuurders dat op deze speerpunten zegt de regel wel eens te overschrijden is ook in 2008 weer afgenomen.

 

Het zelfgerapporteerd gedrag blijkt voor de speerpunten gordel en helm goed overeen te stemmen met het geconstateerde gedrag: het percentage bestuurders dat aangeeft zich niet aan regels te houden is nagenoeg gelijk aan de overtrederspercentages die bij controles zijn geregistreerd. Bij het speerpunt alcohol is er een groter verschil. Bijna negentig procent van de respondenten geeft aan zelden of nooit de alcohollimiet te overschrijden, terwijl uit het onderzoek ROI (DVS, Rijden onder invloed, 2008) naar voren komt dat het overtrederspercentage bij voorselectie op straat slechts een kleine drie procent is.

 

Aandeel (zelfgerapporteerde) roodlichtovertreders het grootst in midden- en west-Nederland

Bron: NEA, effectmeting regioplannen 2008

In bovenstaande figuur is de spreiding in het aandeel automobilisten dat aangeeft nooit door rood te rijden weergegeven. In het noorden en zuidoosten van het land zijn er veel meer automobilisten die aangeven nooit door rood te rijden dan in het midden en westen van het land. In het midden en westen van Nederland geeft dus een groter aandeel van de automobilisten aan zich schuldig te maken aan roodlichtnegatie.

 

Geschatte pakkans

Als verklarende factor voor het gedrag, maar ook als maat voor de effectiviteit van controles, worden automobilisten gevraagd naar hun inschatting van pakkans wanneer men de verkeersregel zou overtreden. De overtreding waarbij het aandeel bestuurders dat de pakkans (zeer) groot inschat het grootst is, is het rijden zonder helm. Met een snelheidsovertreding in een 30-kilometerzone denken de meesten wel weg te kunnen komen. Een vergelijking met voorgaande jaren levert over de verschillende speerpunten een wisselend beeld op. De pakkans bij roodlichtnegatie, zonder helm rijden en handheld bellen is in 2008 groter ingeschat dan in 2007. De kans dat men gepakt wordt wanneer de gordel niet wordt gedragen is daarentegen afgenomen.

 

Draagvlak regel

Een andere invalshoek om het gedrag te verklaren is het draagvlak voor de verkeersregel. Wanneer men de verkeersregel zinvol vindt, zou men logischerwijs sneller geneigd zijn deze ook op te volgen.

Het draagvlak voor de regel dat je altijd moet stoppen voor rood licht is het grootst. Nagenoeg iedereen is het daar (helemaal) mee eens. De snelheidslimiet op 100-km wegen heeft het minste draagvlak. Ruim 60% geeft aan de snelheidslimiet op 100-km wegen te laag te vinden.

Wanneer het draagvlak in 2008 vergeleken wordt met het draagvlak in 2003 (zie kader), blijkt dat het draagvlak voor de speerpunten helm en gordel is gegroeid. Dit lijkt inderdaad zijn weerslag te hebben in het gedrag.

 

Speerpunt

2003

2008

Helm

79%

86%

Gordel

88%

91%

Rood licht

98%

98%

Alcohol

98%

98%

Snelheid 120-km wegen

53%

82%

Snelheid 100-km wegen

53%

39%

Snelheid 80-km wegen

82%

81%

Snelheid 50-km wegen

93%

91%

Snelheid 30-km wegen

-

80%

Bron: NEA, effectmeting regioplannen 2008

In bovenstaande tabel is het draagvlak voor de verschillende verkeersregels weergegeven voor 2003 en 2008. Voor helm, gordel en rood licht is het draagvlak uitgedrukt in het percentage wat het (helemaal) eens is met de regel. Bij alcohol en snelheid wordt het percentage genoemd wat de limiet goed of te hoog vindt.

 

Overtreden regel vergroot ongevalkans

Ruim de helft van de automobilisten is het er (geheel) mee eens dat het overtreden van de snelheidslimiet op autosnelwegen de kans op ongelukken vergroot. Op 30 km, 50 km en 80 km wegen ligt dit aandeel hoger. Op 50 km/h wegen acht men het overschrijden van de snelheidslimiet het gevaarlijkst: ruim 80% geeft aan het er (geheel) mee eens te zijn dat te hard rijden de ongevalkans vergroot. Ook op de overige speerpunten geeft de meerderheid aan dat het overtreden van de regel gevaarlijk is en de kans op ongelukken vergroot.

 

Draagvlak controles

Het feit dat de politie controleert op de naleving van de verkeersregels die als speerpunt zijn benoemd kan veelal op een breed draagvlak rekenen. Bijna alle automobilisten vinden controles op alcohol- en roodlichtovertredingen (heel) zinvol. Dit draagvlak is al jarenlang onverminderd hoog. Het draagvlak van snelheidscontroles is groeiende. Waar in 2003 het aandeel automobilisten dat snelheidscontroles (heel) zinvol vindt nog op 72% lag, is dit in de loop van de jaren gegroeid tot 87%.

 

Zichtbaarheid controles

Controles die de meeste bekendheid genieten zijn snelheidscontroles. Negen van de tien automobilisten heeft in 2008 notie genomen van snelheidscontroles. Dit kan zijn dat de automobilist een snelheidscontrole heeft gezien of ondervonden, maar ook dat hij borden heeft gezien, of er via familie, vrienden, e.d. of via de media van heeft gehoord. Over het algemeen is het bereik van controles in 2008 afgenomen. Alleen van roodlichtcontroles werd door een groeiend aandeel automobilisten notie genomen. Snelheidcontroles, roodlichtcontroles, en helmcontroles worden vooral opgemerkt doordat de controles zelf ondervonden of gezien worden. Alcoholcontroles en gordelcontroles danken hun bekendheid voornamelijk aan de media.

Reageren

Invoer verplicht
Invoer verplicht
Invoer verplicht

 

 

















 

Legenda
Bij dit veld is invoer verplicht.

vakartikelen

Artikelen 21 tot 40 van 56

1 2 3

Artikelen 21 tot 40 van 56

1 2 3

Overzicht alle vakartikelen

Verkeerskunde is een uitgave van ANWB.
© 2019 verkeerskunde.nl - alle rechten voorbehouden.