Han Roebers:'We willen niet dat een netwerk vastloopt'

vrijdag 26 augustus 2016 Nettie Bakker 359x gelezen

Han Roebers, Rijkswaterstaat en InfraQuest:'We hebben alle assets (6200 objecten) geordend en in kaart gebracht'
Han Roebers, Rijkswaterstaat en InfraQuest

Han Roebers, Rijkswaterstaat en InfraQuest (Copyright: Beeldbank Rijkswaterstaat)

‘Een ingreep in de bestaande infrastructuur heeft vaak een enorme impact op de omgeving en op het netwerk’

‘Een ingreep in de bestaande infrastructuur heeft vaak een enorme impact op de omgeving en op het netwerk’ (Copyright: Beeldbank Rijkswaterstaat)

Hoe kijkt de grootste assetmanager van Nederland naar de vervangingsopgave? Hoe wordt de opgave gepland? Over welke risico’s en kansen praten we? En wat is de rol van Life Cycle Management? Een gesprek met Han Roebers, afdelingshoofd Instandhouding Constructies en Onderhoud bij Rijkswaterstaat en programmanager InfraQuest, een kennis- en ontwikkelcentrum van Rijkwaterstaat, TNO en TU Delft.

 

Roebers: ‘Laat ik bij InfraQuest beginnen. Zo’n zeven jaar brengen we vanuit drie organisaties infra-vraagstukken in en ontwikkelen oplossingen. Dat gaat van wetenschappelijke kennis (theorie), naar toegepaste kennis (testfase) tot aan de praktijk (implementatie). We kunnen bruggen ontwerpen en berekenen wat de belasting mag zijn, maar je wilt die belasting ook graag toetsten, zodat je weet dat een ontwerp in de praktijk ook dat doet wat je ervan mag verwachten. Dat doen we binnen dit samenwerkingsverband en betrekken er ook promovendi en phd’s bij.

 

Brownfields
Vanuit Rijkwaterstaat beheren we de infranetwerken water, weg en vaarwegen. Deze netwerken zijn in de afgelopen decennia uitgebouwd tot zo goed als volwaardige netwerken, op nog enkele kleine verbeteringen na. Deze bouwactiviteiten vonden hoofdzakelijk plaats in vrije nieuwe ruimtes, de zogenoemde greenfields.

Vanuit Rijkwaterstaat beheren we de infranetwerken water, weg en vaarwegen. Deze netwerken zijn in de afgelopen decennia uitgebouwd tot zo goed als volwaardige netwerken, op nog enkele kleine verbeteringen na. Deze bouwactiviteiten vonden hoofdzakelijk plaats in vrije nieuwe ruimtes, de zogenoemde greenfields.

 

De opgave voor de komende decennia betreft grootschalige ingrepen in de bestaande infrastructuur (brownfields), want de grenzen aan de levensduur (leeftijd en belasting) van verschillende kunstwerken komen in zicht. Dit is een opgave van een andere orde, want je wilt het bestaande netwerk immers zoveel mogelijk operationeel en beschikbaar houden.

 

Wij zijn als nationale assetmanager al zo’n tien jaar bezig met diepgaand onderzoek naar de status van al onze kunstwerken en naar de financiering van die delen van het netwerk die echt moeten worden aangepakt. We weten nu dat er de komende jaren objecten voor renovatie of vervanging in aanmerking komen. Om tot deze uitspraken te komen, hebben we alle assets (6200 objecten) geordend en in kaart gebracht.

 

Een bijkomend aspect in de toekomstberekeningen is dat het ministerie van IenM hard werkt aan de ontwikkeling van de zelfrijdende auto en (truck)platooning. De vraag is nu dus ook welke eisen dit stelt aan de duurzaamheid van de infrastructuur. En dat geldt ook voor het vraagstuk van de klimaatverandering. Kunnen we op termijn de pieken in rivier- en hemelwater aan? Ook deze toekomstbeelden proberen we helder te krijgen.

De focus van de aandacht voor de infrastructuur ligt dus niet langer op vernieuwing of verbreding, maar op de technische kant: het berekenen van de levenscyclus en het monitoren van de levensduur. Vervolgens zoek je nauwlettend naar het juiste moment van ingrijpen.

 

Goed voorbeeld daarvan is de renovatie van de Galecopperbrug in de A12 bij Utrecht. Die moest worden verhoogd om vierlaagscontainervervoer mogelijk te maken. Tegelijk werd er onderhoud aan de brug uitgevoerd. Deze werkzaamheden zijn aangepakt om de brug aan te passen aan de toekomstige vraag en belasting. Bovendien is de brug opengebleven voor het verkeer tijdens de verbouwingen. Dat zijn de combinaties die winst opleveren.’

 

Nieuwe uitvragen
‘Concreet zetten we nu opdrachten in de markt die voortkomen uit het vervangingsvraagstuk. De kosten die gepaard gaan met vervanging vergen tot 2028 zo’n 200-300 miljoen euro per jaar. Eens per twee jaar komen we daarvoor met een onderzoeksrapport, op basis waarvan nieuwe uitvragen worden bepaald.

‘Concreet zetten we nu opdrachten in de markt die voortkomen uit het vervangingsvraagstuk. De kosten die gepaard gaan met vervanging vergen tot 2028 zo’n 200-300 miljoen euro per jaar. Eens per twee jaar komen we daarvoor met een onderzoeksrapport, op basis waarvan nieuwe uitvragen worden bepaald.

De inhoud van deze rapporten is gebaseerd op ‘Life Cycle Management’: we proberen de juiste balans te vinden tussen de parameters kosten risico’s en prestaties.

 

Als je nu een weg vervangt en allerlei verkeersmanagementinstallaties aanbrengt, terwijl de ontwikkeling in-car gaat, dan moet je die installaties op termijn ook onderhouden. Daarmee reduceer je voor een korte termijn het risico op ongevallen, maar verhoog je de kosten gedurende de levensduur. Een laatste verschil met nieuwbouw is dat je bij vervanging als eerste in gesprek gaat met de omgeving, want een ingreep in de bestaande infrastructuur heeft al snel een enorme impact op de omgeving en op het netwerk.’

 

Transportland
‘Hoewel wij al jaren bezig zijn met het in kaart brengen van de staat van beheer en onderhoud, zien we nu dat de aandacht ervoor toeneemt. Gelukkig, want de risico’s willen we blijven beheersen. Nederland is een transportland. Dat betekent dat je de infrastructuur up to date en op orde wilt hebben. Je wilt niet graag proefondervindelijk vaststellen dat een netwerk vastloopt en dat we te laat zijn.’

‘Hoewel wij al jaren bezig zijn met het in kaart brengen van de staat van beheer en onderhoud, zien we nu dat de aandacht ervoor toeneemt. Gelukkig, want de risico’s willen we blijven beheersen. Nederland is een transportland. Dat betekent dat je de infrastructuur up to date en op orde wilt hebben. Je wilt niet graag proefondervindelijk vaststellen dat een netwerk vastloopt en dat we te laat zijn.’

 

IALCCE 2016
‘Een positief signaal is overigens ook dat we van 16 oktober tot 20 oktober het tweejaarlijkse IALCCE-congres (www.ialcce2016.org) naar de TU in Delft hebben gehaald. Hier ontmoeten 400-500 internationale infra-specialisten uit ruim 40 landen elkaar. In de ingezonden papers zien we de actuele ontwikkelingen goed terug. Ging het 15 jaar geleden nog over uitbouwen, nu gaat het vooral over levensduur, inspecties en monitoring van het moment waarop je moet vervangen.

‘Een positief signaal is overigens ook dat we van 16 oktober tot 20 oktober het tweejaarlijkse IALCCE-congres () naar de TU in Delft hebben gehaald. Hier ontmoeten 400-500 internationale infra-specialisten uit ruim 40 landen elkaar. In de ingezonden papers zien we de actuele ontwikkelingen goed terug. Ging het 15 jaar geleden nog over uitbouwen, nu gaat het vooral over levensduur, inspecties en monitoring van het moment waarop je moet vervangen.

 

Dit congres zal de aandacht voor de vervanging van infrastructuur zeker nog versterken.’

Inhoud laatste dossier

De verkeerskundige

Naar alle eerdere dossiers

Meer artikelen over Wegontwerp

Artikelen 1 tot 5 van 62

1 2 3 4 5 6

Artikelen 1 tot 5 van 62

1 2 3 4 5 6

Verkeerskunde is een uitgave van ANWB.
© 2019 verkeerskunde.nl - alle rechten voorbehouden.