DBFM: de kunst is om niet schoksgewijs naar de toekomst te gaan

vrijdag 30 januari 2015 384x gelezen

Wim Leendertse: 'De meerwaarde van DBFM zit in de integratie van verschillende disciplines en systemen in complexe opdrachten' 

Wim Leendertse, Rijkswaterstaat (GPO) en Rijksuniversiteit Groningen

Wim Leendertse, Rijkswaterstaat (GPO) en Rijksuniversiteit Groningen (Copyright: Beeldbank Rijkswaterstaat)

De actuele werkelijkheid én toekomstige ontwikkelingen vastleggen in nieuwe, langlopende DBFM-contracten voor ontwerp, bouw, financiering en onderhoud van weginfrastructuurprojecten. Daar heeft Rijkswaterstaat, als opdrachtgever voor DBFM-projecten alle aandacht voor. ‘De meerwaarde van DBFM zit in de integratie van verschillende disciplines en systemen in complexe opdrachten.’

Aan het woord, Wim Leendertse, projectmanager grote projecten (GPO) bij Rijkswaterstaat en universitair hoofddocent Publiek-Private Samenwerking in de planologie aan de Rijksuniversiteit in Groningen. In een terug- en voorruitblik op DBFM-opdrachten, signaleert  Leendertse een groei van DBFM-opdrachten. ‘Sinds de roep in 2002 naar ‘meer markt’ en de eerste DBFM-contracten in 2006, lopen er nu 21 projecten en er komen nog meer, ook hele grote. Groot voordeel van DBFM voor Rijkswaterstaat als opdrachtgever is dat er sprake is van een integraal contract met één opdrachtnemer, vaak een consortium, voor meerdere disciplines.

Leren organiseren
Wel heeft de markt deze interdisciplinaire uitvoering moeten leren organiseren. De grote bouwers waren traditioneel natuurlijk goed in het bouwen, maar DBFM, design, build, finance en maintain, is meer dan een optelsom van verschillende activiteiten door (ingehuurde) disciplines. Het gaat bij DBFM juist om het managen van de integratie van die disciplines binnen het project. Traditioneel was Rijkswaterstaat de integrale factor in bouwprojecten. Nu werkt de markt aan die rol’, aldus Leendertse.

Spanningsveld in zoeken naar uniformiteit en ruimte
‘Maar we geloven echt in DBFM’, vervolgt hij, ‘DBFMs zijn ook opgenomen in het meerjarenplan voor infrastructuurprojecten, MIRT.’ Ook in de toepassing ziet Leendertse een ontwikkeling. ‘DBFM wordt steeds meer toegepast voor projecten in complexe netwerken en kwetsbare omgevingen, waarbij de uitvoering onder lastiger omstandigheden moet worden uitgevoerd, dan wel dat de uitvoering moet aansluiten op de organisatie en systemen van het grotere netwerk. Daardoor zie je ook een spanningsveld in het zoeken naar uniformiteit in DBFM-contracten én het voldoende ruimte houden voor de unieke aspecten van ieder project.’

Realistische transactie- en voorbereidingskosten
Een belangrijk aandachtspunt is verder de discussie over realistische transactie- en voorbereidingskosten. ‘Dat is een zoekpad waar we nog niet helemaal uit zijn. Het heeft te maken met het vooraf beprijzen van risico’s. Dat moet je wel op een goede manier doen, het is geen gok. Ook komen we er niet door te zeggen, ‘heb jij het risico dan heb ik het niet’, want uiteindelijk draagt ook de opdrachtgever een risico in het belang van de beschikbaarheid van de weg.

Handel je volgens het Angelsaskische model, dan zeg je ‘afspraak is afspraak’, maar in Nederland kijken we veel meer naar wat een partij in alle redelijkheid had kunnen voorzien. We zijn er nog niet uit, maar uitgangspunt in deze dialoog is dat dat de rechter of arbiter er gaandeweg het contract niet aan te pas hoeft te komen.’

Minder budgetten
‘Een actuele uitdaging is hoe we de kwaliteit van het netwerk op niveau houden met minder budgetten. Het antwoord moeten we vinden in creativiteit en in innovatie en dat ook dat is nog geen gelopen race. En het is ook lastig, want innovatie verdien je niet terug in één project en moet je goed de ruimte geven.

Een volgende uitdaging is dat netwerken nu nog veel fysieke componenten hebben die gaandeweg worden vervangen door digitale systemen in auto’s. Hoe gaat dat het netwerkbeheer beïnvloeden? En hoe organiseer je die marktverschuiving? Komen er nieuwe disciplines bij en kun je oude al vervangen? Echte voorbeelden uit het buitenland hebben we ook nog niet, maar we trekken hierin wel op in Europees verband.’

We willen weten hoe de weggebruiker deze projecten ervaart
Welke rol speelt de weggebruiker in DBFM en wat is daarin de trend? Leendertse: ‘De weggebruiker speelt zeker een rol. De gebruiker is degene die last krijgt van verstoringen. Dus willen we weten hoe de gebruiker deze projecten ervaart. Bij de markt zie je dat het besef groeit dat je bouwt ten dienste van de gebruiker.’

‘Kortom, hoe gaan we innovaties regelen en hoe verwerken we bijvoorbeeld beleidswijzigingen of andere ontwikkelingen in de contracten. De kunst is dus om niet schoksgewijs de DBFM-toekomst in te gaan.’

Inhoud laatste dossier

De verkeerskundige

Naar alle eerdere dossiers

Meer artikelen over Wegontwerp

Artikelen 1 tot 5 van 62

1 2 3 4 5 6

Artikelen 1 tot 5 van 62

1 2 3 4 5 6

Verkeerskunde is een uitgave van ANWB.
© 2019 verkeerskunde.nl - alle rechten voorbehouden.